Gelezen: ‘Je hebt wél iets te verbergen’

Dit boek stond al een tijdje bovenaan op onze ‘must-read-lijst’. En terecht. Het is grotendeels een bundeling van teksten die al op De Correspondent zijn verschenen. De grote meerwaarde van het boek is dat je helemaal ondergedompeld wordt in een verhaal dat de individuele privacy-kwestie overstijgt. Privacy gaat over mensenrechten en is een maatschappelijke kwestie met grote inzet.

Individuele verhalen en voorbeelden maken alles heel tastbaar. De privacy-discussie, vaak een ‘ver van mijn bed show’, komt heel dicht op het vel. Velen zullen bij het lezen verrast worden door de omvang van deze problematiek.

En, mooi meegenomen, het leest als een trein. Geen overdadige tech-woordenschat maar heel toegankelijk en meeslepend geschreven.

Je hebt wel iets te verbergen

De privacyparadox

Privacy is en blijft een heet hangijzer in de onlinewereld. Toch gaan we daar heel paradoxaal mee om. Enerzijds  vinden we privacy een fundamenteel recht (dat is het ook), anderzijds zijn we heel slordig en passief als het gaat om de bescherming ervan. Bij sommigen door onwetendheid, anderen zijn dan weer onverschillig of leggen zich neer bij het onafwendbare ‘ze weten toch alles al’.

Privacy – onze intieme ruimte

Maar het meest ergerlijk argument om niets te ondernemen is de klassieker: ‘Maar ik heb toch niets te verbergen?’ Alsof elke handeling die je stelt, elke uitspraak die je doet, elke gedachte zelfs zomaar op een publiek forum mag uitgestald worden.  Alleen maar omdat je van jezelf vindt dat je niets ‘verdachts’ doet.

De auteurs nemen de tijd om brandhout te maken van dit non-argument. Geen standaard en simpel tegenargument, maar ook filosofische beschouwingen over de noodzaak van een intieme ruimte, in ons eigen belang als subject maar ook ten goede van het collectief, de maatschappij.

Normen zijn relatief

Martijn en Tokmetzis herinneren ons eraan hoe maatschappelijke normen over wat al of niet acceptabel is tijds- en cultuurgebonden zijn. Klassiek voorbeeld daarvan is homoseksualiteit. In onze contreien ingeschreven in de wet (België erkent het homohuwelijk sinds 2003) terwijl het een aantal decennia geleden nog bestempeld werd als ‘deviant gedrag’. In andere werelddelen is homoseksualiteit tot op vandaag een reden om iemand van kant te maken.

Normen veranderen. Wat je dus wel of niet te verbergen hebt, is ook onderhevig aan verandering.

Spionnen op het internet          

De meest verwoede verzamelaars zijn gekend: grootmachten Google en Facebook. Maar ook overheden werken met die data. Het boek licht een tipje van die sluier op. Heel interessant is ook het voorstel van de auteurs om het woord ‘metadata’ te vervangen door ‘gedragsgegevens’. De laatste term concretiseert waar het over gaat. Terwijl ‘metadata’ enige ‘tech-zweem’ over zich heeft en voor de meeste mensen vaag (en onschuldig) lijkt, legt ‘gedragsgegevens’ de vinger op de gapende wonde.

Een aantal voorbeelden maken heel erg duidelijk hoeveel informatie van ons op het internet circuleert én vindbaar is. En dat gaat een pak verder dan je naam, adres, geboortedatum. Alles wat je op het internet doet, belandt in één of andere databank en wordt doorverkocht aan belanghebbenden. Databanken worden aan elkaar gekoppeld en daarmee worden profielen opgesteld. En daar is niets anoniem meer aan. Die profielen zijn een goudmijn. Het verzamelen van al die data is geen doel op zich, maar wel een middel om ons gedrag te beïnvloeden. En daar wringt de schoen.

Big brother is onzichtbaar

De vergelijking met Big Brother is snel gemaakt. Een ongekende entiteit die alles overschouwt en ons op elk moment beïnvloedt. Maar terwijl Big Brother  een autoritaire, ongekende maar hoogst zichtbare entiteit is, gebeurt de beïnvloeding online in alle stilte en bijna onmerkbaar. Net daar zit het probleem: de meesten onder ons ervaren voorlopig weinig hinder van het verlies aan privacy, waarom zouden we er ons druk in maken?

‘Beïnvloeding en manipulatie zijn toch van alle tijden?’ Dat klopt. Maar radicaal anders is het gegeven dat dit nu bijna onzichtbaar en op bijzonder veel levensdomeinen gebeurt. Het gaat al lang veel ruimer dan gerichte reclame bezorgen. De auteurs geven als voorbeeld hoe zoekresultaten op Google de uitkomst van verkiezingen kunnen beïnvloeden.

Te ver gezocht? Paranoïde? Toch niet. In dit artikel van datanews (oktober 2016) kan je lezen welke rol Google speelt in de Amerikaanse presidentsverkiezingen.

What to do?

Het is niet allemaal kommer en kwel. De auteurs benoemen ook de mogelijke positieve effecten, onder andere op vlak van welzijn en gezondheid. Ze verwijzen ook naar de ‘zelfverdedigingsgids’ waar je concrete tips vindt om je online-leven iets meer te gaan beveiligen.

Kortom

'Je hebt wél iets te verbergen' is een mooie en stevige oproep om op een andere manier het privacy-debat te voeren. Geïnformeerd en kritisch zijn is daarbij noodzakelijk. Dit boek is daarbij een uitstekende start.
2017-03-02T21:19:00+00:00 7 november 2016|Categories: Geen categorie|Tags: , |